Alle berichten van sjoernalistiek_u6hbjx1d

Het proefkonijn

Het was een klein berichtje in de regionale krant. Ziekenhuis zoekt kwetsbare ouderen die mee willen werken aan een onderzoek naar de rol die een tbc-vaccin kan spelen bij de behandeling van corona. Helemaal nieuw was het niet. Al in het begin van de epidemie had ik berichten gelezen dat dit vaccin BCG, genoemd naar de ontwikkelaars Calmette en Guérin, misschien nuttig zou kunnen zijn om de longen weerbaarder te maken tegen de symptomen van corona.

Viel ik even in de prijzen, in 1969 tijdens mijn opleiding als hospik was ik hiermee gevaccineerd. Verder werd het middel in die jaren nog maar weinig toegepast. Hoewel het vaccin al in 1921 is ontwikkeld, zijn de geleerden het tot nu toe niet eens geworden over de effectiviteit. Desondanks leek het de hogere legerleiding nuttig om ons, als aankomend geneeskrachtig krijger, hiermee in te spuiten.

Tot zover de goede herinnering. De andere was dat deze spuit ook wel als ‘De peuk’ bekend stond. Dat was niet voor niets. Een branderig gevoel in je arm, alsof iemand daar een sigaret had uitgedrukt, was nog wel het kleinste ongemak, maar je liep ook kans dat de plek van de injectie uitgroeide tot een etterende zweer. Maar goed, dat was dus allemaal een halve eeuw geleden en nu kon ik daar de vruchten van plukken. De ontberingen van een soldaat zijn niet voor niets geweest.

En toen was er dus dat berichtje: vrijwilligers gezocht. Als ze horen wat je allemaal cadeau krijgt bij die prik dan haakt het gros van de vrijwilligers af, was mijn eerste gedachte. De tweede gedachte, maar het is wel goed dat het onderzoek er komt. In dat geval is het misschien beter dat iemand met ervaring zich meldt. Bij een lodderige blik in de spiegel tijdens het tandpoetsen, had ik die vrijwilliger gevonden.

Op mijn mailtje met de mededeling dat ik mij ter beschikking van de wetenschap stelde, kreeg ik per kerende post antwoord: ja, graag. Even later volgde een telefoontje voor een intake.

Bent u ouder dan 60 jaar? Check, 72 en het wordt elke dag erger.

Heeft u onderliggende kwalen? Check, chronische astma, diabetes type 2 en hoge bloeddruk, u heeft het voor het uitzoeken.

Heeft u gelezen wat de risico’s zijn? Ik ken ze allemaal uit ervaring en ik doe daarom toch mee.

Een paar dagen later mocht ik mij melden in het streekziekenhuis voor de verdere intake.

Voor alle zekerheid werd de telefonische vragenlijst nog een keertje doorgenomen. Het zou niet de laatste zijn. De tweede lijst vertoonde een klein manco. De leverancier van het vaccin is een Deens bedrijf en die had de vragenlijst in het Engels opgesteld. Op zich was dat geen ramp, maar de opstellers waren wel uitgegaan van de Deense omstandigheden. Was ik voor mijn onderliggende kwalen onder controle bij een longarts of een internist? Nee, dus. De huisarts houdt mij in de gaten. Daar hadden de Denen geen rekening mee gehouden. Zonder specialist geen proefkonijn. Gelukkig vonden de dame van de intake en ik een ander plekje waarmee ik het onderzoek binnen gesjoemeld kon worden.

Na nog een rondje verder vragen was het duidelijk, ik was geslaagd voor het examen beginnend proefkonijn en mocht de spuit in ontvangst nemen. Of ik het vaccin kreeg of dat ik in de controlegroep zit, die gefopt is met een spuit fysiologische zoutoplossing, zal de toekomst uitwijzen. Zelf gokte ik op de controlegroep. Wil je een keer heldhaftig zijn, wordt je afgescheept met een hap zout water.

We zijn nu weer een dagje verder, ik heb het idee dat mijn arm wat stijf en pijnlijk is. Dat ziet er dus goed uit voor mijn nooit uitgekomen droom om ooit een keer de held te mogen zijn.

De echte draagvlakslopers vind je bij de overheid

Het was even schrikken, hoewel niet echt verrassend, maar het coronavirus is in alle hevigheid terug. Nadat onze medische kopstukken al enige tijd met nadruk hadden gepreludeerd op strengere maatregelen, kwamen Rutte en De Jonge met het nieuws: we zijn terug bij af, Nederland gaat zo goed als op slot. Horeca dicht, per dag niet meer dan drie mensen op visite, niet met het openbaar vervoer reizen en geen sportwedstrijden, zijn maar een paar van de maatregelen.

Grote vraag: heeft of krijgt dit kabinet voldoende draagvlak voor al die maateregelen? Ik heb er een hard hoofd in. Met hun coronabeleid hebben kabinet en RIVM de afgelopen maanden meer steun verspeeld dan verworven.

In het begin leek het nog aardig te lukken. Met een ‘intelligente’ lockdown, thuiswerken, een taboe op handen schudden en anderhalve meter afstand houden, wisten we de eerste aanval te overleven. Weliswaar was er wat collateral damage in verpleeg- en verzorgingstehuizen omdat het kabinet, op instignatie van het RIVM, besloot dat in die instellingen het personeel geen mondkapjes en andere beschermingsmiddelen mocht hebben. De gevolgen waren al snel te zien, binnen de kortste keren kwam de begrafenisondernemer in de tehuizen vaker langs dan de bakker. Maar omdat patiënten en overledenen in de tehuizen niet getest mochten worden op corona, stierven die allemaal aan een andere ziekte en was er administratief geen vuiltje aan de lucht.

Al doende kreeg het kabinet, met assistentie van een Outbreak Management Team OMT (als het spannend wordt blijkt het Nederlands niet te voldoen), de slag aardig te pakken. Daarbij grossierde het vooral in onbegrijpelijke beslissingen, die met het versoepelen van de maatregelen alleen maar onnavolgbaarder werden. Een belangrijk deel van de uitvoering werd neergelegd bij de veiligheidsregio’s, clubjes van burgemeesters. Eindelijk mochten deze bestuurders van het tweede plan eens de krachtdadige leider zijn, een kans die zij zich niet lieten ontglippen. En zo creëerden zij ieder voor zich hun eigen coronabeleid. In de ene veiligheidsregio mochten mensen niet eens naar hun eigen vakantiewoning, vijf kilometer verderop, in een andere regio was er niets aan de hand. Op de televisie waren beelden te zien van Ali B, die een serenade bracht bij de opgesloten bewoners van een verpleegtehuis. In een andere veiligheidsregio gingen de BOA’s los op een zangduo, dat bij een verzorgingstehuis al zingend probeerde het moreel wat op te vijzelen.

Maar het waren niet alleen de veiligheidsregio’s die een warboel van maatregelen veroorzaakten. Het kabinet liet zich ook niet onbetuigd. Onder de banieren van RIVM en OMT leken zij vooral ten strijde te trekken tegen het gebruik van mondkapjes, om kort daarop te verordonneren dat je zonder zo’n kapje geen trein, tram, bus of metro meer in mocht.

Tegelijkertijd tekende zich binnen het kabinet al snel een profileringsdrang af tussen Mark Rutte en Hugo de Jonge, de Imelda Marcos van het CDA. Beiden voelden haarfijn aan dat bij de verkiezingen in maart 2021 Mr. Coronakiller zomaar tien zetels extra zou kunnen halen. En zo zien we dat met name Hugo de Jonge zich graag presenteert als de Macher, de man die niet aarzelt en besluiten durft te nemen.

Het pijnlijke is dat hij die dadendrang uitvent bij het ziekelijke af, maar dat de feiten hem steeds tegenspreken. Daarmee bewijst hij elke keer het gelijk van Vadertje Cats die ooit dichtte: “Veel beloven, weinig geven doet een gek in vreugde leven.”

Zo voorspelt hij half juni dat Nederland mogelijk eind dit jaar al beschikt over ‘enkele honderdduizenden’ doses van een Brits vaccin dat tegen het coronavirus zou kunnen beschermen. En wat de kenners toen al voorspelden, tekent zich nu haarscherp af. Wanneer we in de loop van 2021 over een vaccin kunnen beschikken, mogen we de Lieve Heer op onze blote knietjes danken.

Een ander stokpaardje van deze schoenenfetisjist: de teststraten van de GGD’s, waarvan hij elke keer beweert dat ze helemaal klaar zijn om iedereen op corona te testen. Tot nu kwam er, na zo’n optimistische boodschap, steeds binnen 24 uur een rectificatie, meestal in de vorm van krantenberichten dat het met de tests een grote janboel is en dat er geen zicht op is dat de testcapaciteit op korte termijn wel op orde komt. We zijn nu een paar maanden verder en één ding is zeker: met het testen blijft het klungelen.

De corona-app, die nu eindelijk operationeel is, illustreert eveneens hoezeer Willem Elschot gelijk had met zijn ‘tussen droom en daad staan wetten in de weg en praktische bezwaren’. Weliswaar is er met enkele maanden vertraging een werkende app, maar het bijbehorende contactonderzoek wil maar niet van de grond komen.

Toppunt van treurigheid is De Jonges partijgenoot Ferdinand Grapperhaus, minister van Justitie en Veiligheid. Deze had zich voorgenomen om samen met Hubert Bruls, het opperhoofd van de veiligheidsregio’s pal te staan voor het evangelie van het handhaven. Zodra zich wat meer mensen richting strand begeven dan op een regenachtige dag, roepen zij hel en verdoemenis. Met schrille stem verklaarde de minister deze mensen tot aso’s om vervolgens op zijn eigen bruiloft zo ongeveer de polonaise in te zetten. Wat volgde was een treurig staaltje vriendjespolitiek en klassenjustitie. Van de Kamer mocht hij blijven zitten en het OM zag geen grond om hem te vervolgen. Pas na een maand besefte het OM dat het daarmee in de rechtszaal bij de behandeling van de zaken tegen eerder gepakte corona-aso’s volledig in het hemd zou staan. De minister kreeg alsnog boete opgelegd, de andere bruiloftsgasten gingen vrijuit. Om te voorkomen dat Grapperhaus een strafblad zou krijgen, werd die boete wel verlaagd tot beneden de € 100.

En dan vragen kabinet, RIVM en Veiligheidsregio’s zich af, hoe het komt dat het draagvlak voor de coronamaatregelen steeds verder afbrokkelt. Het komt blijkbaar niet in ze op dat het vooral de overheid zelf is die met de titel Draagvlaksloper aan de haal gaat. De nieuwe maatregelen zullen daar weinig verandering in brengen, hoewel, er is één lichtpuntje: het mondkapje wordt nu wel verplicht in supermarkten en publieke ruimtes.

De kartelrandjes van de conservenindustrie

De drugsmisdaad daargelaten, is de wereld van de internationale criminaliteit soms toch buitengewoon interessant. Dat geldt vooral voor de economische delicten waar het bedrijfsleven het patent op heeft. Zo is recent in Frankrijk een internationaal opererend Appelmoeskartel opgerold. De bedrijven die er achter zaten hielden de prijzen kunstmatig hoog. Klanten die klaagden over de hoge prijzen werden door alle bedrijven met een identieke smoes afgescheept.

De zaak kwam aan het licht omdat dat Coroos, de Nederlandse partner, de zaak verklikte bij de Franse overheid. Als beloning hoefde het berdrijf geen boete te betalen. Het Nederlandse bedrijf en zijn Frans vriendjes maakten van 2010 tot 2014 prijsafspraken en verdeelden onderling de markt. Samen hadden ze 90% van de Franse appelmoesmarkt in handen, waardoor ze Franse consumenten een forse poot konden uitdraaien.

Om ontdekking te voorkomen, vergaderden de partners in crime in hotels en wegrestaurants. En, net als bij de grote misdaad, hielden ze contact via prepaid mobiele telefoons. Het zou mij niet verbazen dat zij daarbij ook codenamen gebruikten, waarschijnlijk de namen van moesappels. “Goudrenet voor Elstar: Jonathan gaat akkoord met het voorstel.” Waarschijnlijk herkenden zij elkaar doordat zij in de horecagelegenheid demonstratief op een appel stonden te kluiven.

Dat de Nederlanders zijn gaan klikken heeft niets te maken met een moreel besef of een zinloze emotie als berouw. De appelmoeskoker was in september ook al door de Europese Commissie in de kuif gepikt voor kartelactiviteiten. In dat geval ging het om sperziebonen, doperwten en wortels. Dat kartel was van 2000 tot en met 2013 actief. Bonduelle maakte aan de prettige en profijtelijke samenwerking een eind door te gaan klikspanen bij Eurocommissaris Margrethe Vestager. Als beloning voor dit verraad hoefde het bedrijf de boete van 250 miljoen euro niet te betalen. Als je ziet dat Judas destijds met een schamele 30 zilverlingen werd afgescheept, dan heeft de beloning voor verraad wel een sterke groeispurt doorgemaakt.

Omdat Coroos en de Franse Groupe CECAB meewerkten aan het onderzoek werden hun boetes met respectievelijk 25 en 40 procent verlaagd, zodat de Nederlanders er met een boete van 13,6 miljoen euro van afkwamen. Overigens was er ook bij Bonduelle sprake van recidive. Het bedrijf werd in 2014 met twee anderen betrapt bij een kartel voor ingeblikte champignons. Het wachten is op de ontmaskering van een linzen- of een kikkererwtenkartel.

Wie een beter inzicht wil hebben wat de drijfveren zijn deze bedrijven raden we aan een kijkje te nemen op de website van Coroos.

“Wij zijn een Nederlands familiebedrijf sinds 1957. Onze kerncompetentie is het verduurzamen van fruit, groenten en peulvruchten. Van premium- tot huismerk- en basisproducten, in elk segment leveren wij de juiste kwaliteit tegen de beste prijs.”

Dit alles dan wel uit het perspectief van Coroos en niet uit dat van de consument

Bye, bye Jinek

Dat knalde er even in: Eva Jinek verlaat de publieke omroep en kiest voor RTL, een van de commerciëlen. Was dit nieuws of ligt het in de lijn der verwachtingen? Ik denk het laatste. Inhoudelijk hebben we niet al te veel te verwachten van de hosts van de talkshows. Sterker nog, enkel degenen die creatief nagenoeg hersendood zijn kiezen ervoor een talkshow te presenteren. De talkshow is een volledig uitgemelkt concept dat het alleen volhoudt omdat het voor de omroepen zo goedkoop te produceren is.

Als er één genre is waarvoor het adagium ‘geld verzoet de arbeid’ opgaat dan is het wel de talkshow. De invulling is elke dag net zo verrassend als de krant van een week eerder.

Het eerste item pretendeert iets te maken te hebben met de actualiteit. Helaas komt de redactie meestal niet verder dan uit de Rolodex een paar van de vertrouwde wauwelende hoofden op te roepen. Wat het onderwerp ook is, Jort Kelder, Saskia Belleman, Peter R. de Vries en Joost Vullings weten er wel iets over te zeggen.

Het tweede onderwerp gaat meestal over iemand die een boekje heeft geschreven, met een voorstelling het land in gaat of anderszins dringend verlegen zit om enig publiek.

Het derde onderwerp is gereserveerd voor collega’s van de omroep, publiek of commercieel. Wanneer je in de komende week met een nieuw programma op de buis komt, mag je onbekommerd reclame voor je toko maken. De host van dienst, Eva, Jeroen, Beau of Matthijs, laat je leeglopen zonder ook maar één kritische vraag.

Kort en goed, om zo’n programma te presenteren hoef je aan geen enkele kwaliteitseis te voldoen. Het salaris is dus eerder een compensatie voor het voortdurend hoereren van je zelf, dan dat het is gebaseerd op een vergoeding voor bewezen diensten.

En zo hoeven we ons ook niet het hoofd te breken over de motivatie van la Jinek om naar RTL te gaan. Voor de creatieve uitdaging hoeft ze het niet te doen, die had ze ook wel bij de publieken kunnen opzoeken. Blijft over: het geld. Als dat is wat haar beweegt, dan moet ze het vooral doen. Ze geeft daarmee de publieke omroep de ruimte om in de vrijgekomen ruimte iets creatiefs te programmeren, bij voorkeur iets zonder bekende Nederlanders.

Sjoemelregelgeving

Het zijn van die schattebolletjes daar in het Haagse. De rechter heeft in een vonnis geconstateerd dat er van een stuk Haagse regelgeving geen hout deugt en het land is in rep en roer. “Hier had niemand rekening mee gehouden. De consequenties van dit vonnis zijn niet te overzien. Er zijn nu misschien wel 10.000 projecten die niet uitgevoerd kunnen worden. Door bestaande vergunningen wordt een streep gehaald. Op die manier kan straks niemand nog zijn huis verbouwen.”  Op die manier kakelt het nu al een tijdje door.

Wat is er aan de hand? De rechter heeft bepaald dat het Programma Aanpak Stikstof, roepnaam PAS, per omgaande bij het grof vuil kan worden gezegd. Is dat een verrassing? De Raad van State had het bestuurlijk fröbelwerk al veel eerder afgeserveerd omdat het, totaal in tegenstelling met de naam, helemaal niets aanpakt, sterker nog omdat het elke aanpak saboteert. Nu lijdt de Haagse regelgeving wel vaker aan dit malheur, maar dan gaat het meestal om symbolische en rituele acties om de achterban tevreden te stellen.

In dit geval is het ernstiger. Binnen de Europese Unie is afgesproken, met volledig medeweten van alle nationale regeringen, dat er nu echt iets moest gebeuren tegen de uitstoot van stikstof en de teloorgang van natuurgebieden. Als je ergens iets gaat bouwen, moet je eerst hard maken dat dit niet leidt tot extra uitstoot van stikstof en dat het geen schadelijke gevolgen heeft voor de natuurgebieden. Vertaal dit maar in uw nationale regelgeving, was het huiswerk.

De vorige regering, vakkundig gesouffleerd door bedrijfsleven, agromaffia en Bouwend Nederland en in innige samenwerking met Diederik (het echte verhaal) Samson is aan het brainstormen gegaan. De uitkomst: bedrijfsleven, agromaffia en Bouwend Nederland zouden gewoon hun gang mogen gaan. “En die stikstof, dan?” vraagt u zich af. Daarvoor kwam een soort bijsluiter dat, wanneer ooit in de toekomst iets zou worden bedacht tegen de stikstofuitstoot dat alsnog zou worden toegepast. Dit natuurlijk wel voorzien van allerlei mitsen en maren om te voorkomen dat ze er ooit aan gehouden worden.

Vrij vertaald: u ropt de plaatselijke supermarkt leeg en roept blij naar de filiaalhouder dat, mocht u ooit de lotto winnen, u alsnog voor de boodschappen zult betalen. In de gedachtegang van politiek-bestuurlijk Nederland hebben we dan niet te maken met winkeldiefstal, maar met een andere vorm van winkelen.

Gelukkig zijn er nog rechters in Den Haag die dit soort sjoemelregelgeving verwijzen naar de plek waar het thuishoort: de prullenbak. Het probleem is alleen dat politiek bestuurlijk Nederland zo tot in het merg corrupt is, dat alle inspanningen er nu op zijn gericht het vonnis te saboteren in plaats van dat iedereen probeert alsnog tot fatsoenlijke regelgeving te komen. Wat dat betreft heeft de bestuurlijke en maatschappelijke onderwereld de overheid al tot in de verste hoekjes en gaatjes geïnfiltreerd. Om met Diederik Samson te spreken: Dat is het echte verhaal, niet leuk maar u moet het er mee doen.

Blik op oneindig

Circulaire economie, wie heeft die kreet ooit uitgevonden? Als je het een milieuorganisatie hoort uitleggen klinkt het prachtig: alles wat we weggooien, brengen we terug tot de oorspronkelijke materialen, die dan weer de grondstof vormen voor nieuwe producten. De ecologische perpetuum mobile. Het klinkt te mooi om waar te zijn, en dat is het dus ook niet. Dat op dit moment nog niet alles kan worden gerecycled is natuurlijk jammer, maar op den duur worden we hier steeds beter in. Niets dus om sacherijnig van te worden. Waar je wel het zuur van krijgt is de manier waarop de politiek en dan met name het kabinet van dienst dit onderwerp invult. Dan wordt de circulaire economie eindeloos in kringetjes ronddraaien zonder een meter vooruit te komen. Het niet vooruitkomen is tot hoogste politieke doel gesteld. Daarmee begint de circulaire economie steeds meer op het elektrocardiogram van Toet ank Amon te lijken.

Onder het kabinet Balkende IV leek het er even op dat in Nederland ook statiegeld zou komen op kleine plastic flesjes en drankblikjes. Met het aantreden van Rutte 1, die schitterende combinatie onder voogdijschap van Geert Wilders, was het in 2010 snel bekeken. CDA’er Joop Atsma flikkerde, vakkundig gesouffleerd door de lobby van Ahold en Heineken, als staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu alle mooie plannen in de prullenbak. Dit alles tot verbijstering van iedereen die een beetje thuis is in dit dossier.

Inmiddels zijn we een kleine negen jaar verder. Het zwerfvuil in de vorm van kleine plastic flesjes en nog veel meer drankblikjes heeft zich weten te ontwikkelen tot een volwassen bedreiging voor het milieu. Tijd dus om te kijken of hier echt niet iets tegen te doen is, bijvoorbeeld door het invoeren van statiegeld. Wanneer je jezelf bij voorbaat hebt uitgeroepen tot het meest ‘groene kabinet’ ooit is dat zeker iets om op je to-dolijstje te zetten.

En zo konden we het beleven dat Stientje van Veldhoven (D66), als staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat een plan naar de kamer stuurde hoe ze het probleem wilde gaan aanpakken. Door het invoeren van statiegeld verwachtte iedereen, die de problematiek kent. Mooi niet dus. Als de volmaakte handpop van de lobby tegen het statiegeld maakte de D66-corifee bekend dat er, eventueel misschien, ooit een keer, wel eens een statiegeld op plastic flesjes zou kunnen komen. Maar eerst mag het bedrijfsleven, dat in dit dossier alleen maar als dwarsligger heeft geacteerd, twee jaar laten zien dat het verzamelen van plastic flesjes bij hen in goede handen is. En mocht dat niet het geval zijn (met de ervaring van tientallen jaren, de meest waarschijnlijke optie) dan kunnen we alsnog praten over de mogelijkheid statiegeld in te voeren voor kleine plastic flesjes. En die blikjes dan?  Die blikjes komen in het verhaal van mevrouw Van Veldhoven niet voor, waarschijnlijk om het bedrijfsleven de mogelijkheid te geven over te stappen op blik als verpakking voor hun drankjes.

Daarmee past ook deze politica feilloos in het kabinet Rutte III, met het verstand op nul en de blik op oneindig, dienstbaar zijn aan  het bedrijfsleven.

Politieke flessentrekkerij

Dat was even schrikken voor het kabinet. Het CPB had alle mooie plannetjes uit het ontwerp klimaatakkoord doorgerekend. De uitkomst, wat iedereen behalve het kabinet wist, de burger zou fors moeten schokken en de klimaatdoelen zouden niet worden gehaald. Dat kun je niet hebben een paar dagen voordat iedereen naar de stembus gaat. Die verkiezingen gaan officieel over de Provinciale Staten maar wat de kiezer echt enthousiast maakt is, dat je indirect voor de Eerste Kamer stemt. Krijg je zo maar de gelegenheid Rutte een stevig spaak in het wiel te steken. Daar wordt onze premier niet blij van.

Het moment dus voor forse noodmaatregelen. Samen met zijn maatje Wiebes belegde hij een persconferentie waar hij het kiezersvolk gouden bergen ging beloven. Had Klaas Dijkhof een paar weken eerder met veel aplomb verkondigt dat hij het klimaatakkoord alleen postuum zou meemaken, nu had Rutte en met hem het totale kabinet opeens het licht gezien. De burger kreeg forse korting op de energierekening, het bedrijfsleven zou een CO2-taks voor de kiezen krijgen, sluiten van kolencentrales was opeens ook  bespreekbaar. Zo groen had de premier nog nooit uit zijn ogen gekeken en hij was niet eens zeeziek.

Er was alleen een heel klein, pietepeuterig maar aan het hele verhaal. Hoe het er allemaal uit zou komen te zien dat wist de premier niet. “Daar moeten we het nog een keer over hebben, op zijn vroegst rond de zomer.”  Voor de snelle rekenaar, dat is riant na de verkiezingen en ongeveer in de periode dat Pinksteren en Pasen op één dag vallen.

Politieke flessentrekkerij dus. Tegen die tijd heeft het kabinet dat niet zo gezegd, met voortschrijdend inzicht is het toch wat anders en zo verder en zo voort.

Wat dat betreft is er in de politiek niets nieuws onder de zon. “Veel beloven, weinig geven, doet een gek in vreugde leven,” schreef Vadertje Cats al.

BN’ers als duizend dingendoekje

In eindeloze rijen marcheren zij over ons tv-scherm, de bekende Nederlanders. Geen programmasoort ontsnapt eraan. Treurig dieptepunt was Nieuwsuur op donderdag 7 maart, waar Adriaan van Dis door het Tropenmuseum mocht dolen om uit te leggen dat alle etnische kunst, koppensnellerstrofeeën en andere rariteiten retour afzender moeten. Wat Van Dis’ relatie was tot het onderwerp, dat bleef volstrekt onduidelijk. Mogelijk was het dat Van Dis’ wieg in koloniale tijden in óns Nederlandsch Indië heeft gestaan. Was hij daarmee zelf ook een voorbeeld van imperialistische roofkunst? Had hij hierdoor een diepe emotionele band met de Dajak-embryo op sterk water die in het depot van het museum staat te verpieteren? En ook al was Adriaan in een grijs verleden journalist, een journalistiek argument voor zijn optreden op deze plaats zou ik zo niet kunnen bedenken.

Het akelig vermoeden bekruipt mij dat iemand op de redactie van Nieuwsuur tot de ontdekking kwam dat alle voor dit onderwerp dienstdoende museumdirecteuren al door andere programma’s waren gekaapt. Gerri Eickhoff die meestal met dit soort klusjes wordt opgezadeld lag met griep in bed en wat blijft er dan over? Iemand met roots in het koloniaal verleden was te riskant. Voor je weet beginnen ze weer te ouwememmen over Zwarte Piet. Dat kun je niet hebben. Inderdaad, in zo’n geval zetten we de joker in: de BEKENDE NEDERLANDER als duizend dingendoekje. Dit keer waren de selectiecriteria beschaafd, prettig ogend, erudiete uitstraling en met een prettige stem. Sander Schimmelpenninck viel af wegens gebrek aan anciënniteit, Herman Pley was ook al met Rembrandt ingezet en zo bleef uiteindelijk Adriaan van Dis over. De uitzending was gered.

Uitgespeeld

Het ziet er naar uit dat Intertoys de weg gaat van alle Blokkerketens: het faillissement. Laat ik eerlijk zijn, ik kan er niet om treuren. Sterker nog, het lijkt mij een uitstekende ontwikkeling. Er komt nu weer ruimte op de markt voor speelgoedwinkels, waar ze echt van speelgoed houden en van kinderen. Dat is namelijk de grote makke bij al die Blokkerdochters, het personeel wordt geselecteerd op kassavaardigheid en niet op vakkennis of affiniteit met het winkelassortiment. Het sneue is dat bij al die winkels, of het nu Blokker is, Intertoys of Xenos, die zelfkennis volkomen ontbreekt. Bij dit soort winkels kom je niet voor je plezier maar alleen omdat je een bepaald product nodig hebt, wat zij mogelijk kunnen leveren.

“De kerstaanbiedingen van Aldi en het Kruidvat, die hebben ons genekt,” jammert topman Roland Armbruster, die de laatste tijd aan het roer stond van dit zinkende schip. Het is hetzelfde armetierige gejeremieer van scholieren die altijd zijn blijven zitten op één onvoldoende of 0,2 punt. Kletskoek, als je grossiert in onvoldoendes en magere zesjes, dan wordt het niet wat.

Wanneer je als speelgoedzaak niet meer te bieden hebt dan allerlei actiefiguurtjes uit series die op dat moment populair zijn op de tv, dan weet je dat je toegevoegde waarde nul als bovengrens heeft. Dan drukt elke keten met een beetje slimme afdeling inkoop je uit de markt. Rommel goedkoop inkopen en dan met een beetje winst in het winkelrek zetten daarmee onderscheid je je niet echt in de markt.

Het is zo simpel, als je succes wilt hebben, moet je zorgen dat je beter bent dan de concurrent. De klant moet er plezier in hebben om zaken met je te doen. Als je aan die basisvoorwaarden niet kunt of wilt voldoen, dan kun je de tent maar beter sluiten. Dat schijnen ze nu bij Intertoys eindelijk begrepen te hebben. Je zou dat een positieve ontwikkeling kunnen noemen. En wie wel iets ziet in een speelgoedwinkel, het graf van Intertoys is een enorm gat in de markt. Er zijn weer kansen voor Speelgoedpaleizen en Kinderparadijzen.

Keteltje

Vandaag een nieuw theeketeltje gekocht voor in de camper. Of nieuw… Het was een exemplaar van de kringloop voor het riante bedrag van € 2,50. Het oude keteltje was niet meer. Tijdens onze voorjaarsvakantie in Denemarken ontdekten we dat er maar weinig thee in het keteltje zat en wel veel water op het gasstel. Er bleek een miniem gaat je in de bodem te zitten. Net voor de vakantie had mijn echtgenote het keteltje nog eens goed uitgeschrobd. Oude vieze vrouwen moet je niet wassen, zegt het spreekwoord. Theeketeltjes vallen daar dus ook onder.

Vanwaar zo’n uitgebreid in memoriam voor een kampeerpannetje? Het was een van de eerste kampeerspullen die wij kochten bij ons trouwen. Slaapzakken hadden we al, die hadden we gekocht in plaats van v erlovingsringen. Wanneer zo’n keteltje het na 46 jaar trouwe dienst begeeft, dan is dat toch een moment van weemoed. Je denkt even terug aan de avonturen die je samen hebt beleefd. Het is dat mijn schoonmoeder niet meer leeft, anders had zij warme herinneringen aan het apparaat gehad.  Zij kon slecht tegen kou en wij gingen vaak in het voor- of naseizoen kamperen, en dan ook nog eens in Scandinavië. Dat was dus soms afzien, vooral ’s morgens. Om het draaglijk voor haar te maken (zij ging met ons mee tot haar 82ste) gebruikte zij het keteltje dan als stoofje om de voeten te warmen. Bekeken vanuit ons perspectief en dat van het keteltje, gebruikten wij mijn schoonmoeder dus als theemuts, al dat klinkt niet zo sympathiek.

Maar goed, terug naar het rampzalig moment dat ons keteltje het begaf. DE eerste optie was: achterlaten in Denemarken. Dat ging mij toch wat aan het hart. En dus hebben wij het meegenomen naar Nederland om het thuis bij het verpakkingsafval te stoppen, als een alternatieve begrafenis. Het aluminium wordt gesorteerd en misschien herrijst ons keteltje strak als een feniks uit zijn as en begint als een hernieuwd en glimmend keteltje aan een volgende 46 jaar.

Thuis hadden we nog een kleiner exemplaar op reserve staan, maar dat komt zoonlief dit weekeinde ophalen om mee op vakantie te nemen. Er zat dus niet anders op dan op jacht te gaan naar een nieuw keteltje. Probleem is alleen dat deze modellen, net als hun gebruikers, een tikje passé zijn. In dit geval waarschijnlijk omdat die keteltjesvan aluminium zijn. Amerikaans onderzoek heeft uitgewezen dat aluminium mogelijk alzheimer veroorzaakt. Daar moet je dan weliswaar per dag een paar keteltjes voor consumeren maar toch… Voorzichtigheid is de moeder van de porseleinkast en zo zie je tegenwoordig meestal roestvrijstalen exemplaren, vaak met het model van een fluitketel.

Conservatief als ik ben, vind ik een fluitketel geen theeketel en vice versa. Vandaar mijn tocht naar ’t Goed, waar ze inderdaad een broertje van ons keteltje hadden. Kortom een sprookjesachtig einde. We hopen dat we samen nog lang en gelukkig zullen leven.